HIERBIJ DOE IK AANGIFTE TEGEN:

*) Jan Pieter Balkenende (Biezelinge, gemeente Kapelle, provincie Zeeland, 7 mei 1956);
*) Maxime Jacques Marcel Verhagen (Maastricht, 14 september 1956);
*) Jan Pieter Hendrik (Piet Hein) Donner (Amsterdam, 20 oktober 1948);
*) Ernst Maurits Henricus (Ernst) Hirsch Ballin (Amsterdam, 15 december 1950);
*) Willemina Roziena Catharina (Mirjam) Sterk (Zeist, 23 mei 1973);
*) Maria Josephina Arnoldina van der Hoeven (Meerssen, 13 september 1949);
*) Gerrit Zalm (Enkhuizen, 6 mei 1952)
*) Jan Pieter Hendrik (Piet Hein) Donner (Amsterdam, 20 oktober 1948);
*) Jakob Gijsbert (Jaap) de Hoop Scheffer (Amsterdam, 3 april 1948);
*) Johannes Cornelis (Hans) van Baalen (Rotterdam, 17 juni 1960);
*) Petrus Leonardus Bastiaan Antonius (Pieter) van Geel Valkenswaard, 8 april     1951)
*) Geert Wilders (Venlo, 6 september 1963);
*) Willemina Roziena Catharina (Mirjam) Sterk (Zeist, 23 mei 1973);
*) Jacob Gabe (Jack) de Vries (Drachten, 25 juli 1968);
*) Gerritje (Gerda) Verburg (Zwammerdam, 19 augustus 1957);
*) Atzo Nicolaï (Delft, 22 februari 1960);
*) Mark Rutte (Den Haag, 14 februari 1967);
*) Eimert van Middelkoop (Berkel en Rodenrijs, 14 februari 1949);
*) Camiel Martinus Petrus Stephanus (Camiel) Eurlings (Valkenburg, 16 september     1973);
*) Janneke Marlene (Marja) van Bijsterveldt-Vliegenthart (Rotterdam, 27 juni     1961);
*) Abraham (Ab) Klink (Stellendam, 2 november 1958);
*) alle overige leden van het Nederlandse kabinet en de tweede kamer die op enigerlei wijze draagvlak gecreëerd hebben voor militaire acties van de Verenigde Staten en/of Groot-Brittannië en/of the Coalition of the Willing in Irak

TERZAKE VAN:

a) genocide;
b) samenzwering om genocide te plegen;
c) poging tot genocide;
c) medeplichtigheid aan genocide.

TOELICHTING

1.Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948) verstaat onder genocide (artikel II) een van de volgende handelingen, gepleegd met de bedoeling om, geheel of gedeeltelijk, een nationale, etnologische, godsdienstige of rassengroep uit te roeien, en wel:
a)    het doden van leden van de groep;
b)    het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep;
c)    opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden, bedoeld om de lichamelijke       vernietiging van de gehele groep of een gedeelte er van te veroorzaken;
d)    het opleggen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen;
e)    het gewelddadig overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep.
2.Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948) bepaalt in artikel IV dat zij, die genocide of een van de andere in artikel III van het verdrag genoemde feiten plegen, worden gestraft, onverschillig of zij grondwettelijk verantwoordelijke regeringspersonen, ambtenaren of privé personen zijn.

3.Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948) bepaalt in artikel III dat Strafbaar zijn de volgende feiten:
a) genocide;
b) samenzwering om genocide te plegen;
c) rechtstreeks en openbaar aanzetten tot genocide;
d) poging tot genocide;
e) medeplichtigheid aan genocide.

4.Artikel 3 Wet Internationale Misdrijven (hierna WIM) stelt strafbaar aan genocide:
Hij die met het oogmerk om een nationale, etnische of godsdienstige groep, dan wel een groep behorend tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk, als zodanig te vernietigen:
a. leden van de groep doodt;
b. leden van de groep zwaar lichamelijk of geestelijk letsel toebrengt;
c. opzettelijk aan de groep levensomstandigheden oplegt die op haar gehele of     gedeeltelijke lichamelijke vernietiging zijn gericht;
d. maatregelen neemt, welke tot doel hebben geboorten binnen de groep te     voorkomen; of
e. kinderen van de groep onder dwang overbrengt naar een andere groep,

5.Op grond van de artikelen 16 lid a & b WIM jo artikel IV het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948), beschikken Nederlandse staatshoofden, regeringsleiders, ministers, staatssecretarissen, kamerleden en andere personen als bedoeld in artikel 119 van de Grondwet ter zake het misdrijf genocide niet over immuniteit op grond van enig verdrag dat binnen het Koninkrijk voor Nederland geldt, nog wordt hun immuniteit ter zake genocide op enige andere wijze door het volkenrechtelijk gewoonterecht erkend.

6.Op 31 maart 2003 oordeelde de Rechtbank 's-Gravenhage dat het verlenen van politieke steun in deze kwestie (in casu de oorlog in Irak), ook als het niet gepaard gaat met feitelijke (militaire) handelingen, van belang kan zijn voor het draagvlak van militaire acties van derden (in casu de VS c.s., in de internationale verhoudingen). Vindplaats: LJN:6540.

7.Het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift the Lancet publiceerde in 2006 een onderzoek waaruit blijkt dat er tot die tijd rond 600.000 mensen gedood zijn ten gevolge van de de Amerikaanse invasie van Irak in maart 2003. Zie bijlage A, blz 1, ook: http://web.mit.edu/CIS/pdf/Human_Cost_of_War.pdf.

8.Het behoeft geen twijfel dat de 600.000 door the Lancet geconstateerde doden allemaal, of althans in meerderheid Irakezen en/of moslims en/of Arabieren zijn en daarmee dus tot een nationale, etnologische, godsdienstige en/of rassengroep behoren zoals bedoeld in artikel II van Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948) en zoals bedoeld in artikel 3 WIM.

9.Het behoeft geen discussie dat de dood van 600.000 mensen ten gevolge van wat dan ook uitroeiing is al dan niet in de zin van artikel II van Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948) of WIM. Al die 600.000 tot de nationaliteit der Irakezen en/of de godsdienst der moslims en/of rassengroep der Arabieren behorende mensen zijn gedood door het geweld van de oorlog die begonnen is met de overigens wederrechtelijke door Nederlandse politici (genoemde verdachten) gesteunde invasie van Irak in maart 2003.

10.De in de media als betrouwbare bron aangemerkte website 'Just Foreign Policy' rapporteert dat er meer dan 1.330.000 doden zijn te betreuren in Irak ten gevolge van de overigens wederrechtelijke door Nederlandse politici (de verdachten) gesteunde invasie van Irak. Zie bijlage B, blz 27, ook: http://www.justforeignpolicy.org/iraq/iraqdeaths.html.

11.De onder 10) genoemde meer dan een miljoen doden zijn bevestigd door het onafhankelijke en prestigieuze Britse onderzoeksbureau Opinion Research Business. Zie bijlage C, blz 29, ook: http://www.opinion.co.uk/Documents/Revised%20Casulaty%20Data%20-%20Press%20release.doc. Zie ook http://www.opinion.co.uk/Documents/New%20Casualty%20Tabs.pdf.

12.Het werkelijke aantal doden ten gevolge van de overigens wederrechtelijke door Nederland gesteunde invasie van Irak ligt naar aller waarschijnlijkheid vele keren hoger. Dat is het gevolg van de vervuiling van Irak door wapens met verarmd uranium. Dergelijke wapens veroorzaken een giftige en radioactieve stofwolk 'verarmd uranium' die bij inademing dodelijk is. De hoeveelheid in Irak gebruikte wapens met verarmd uranium veroorzaakt een giftige en radioactieve stofwolk waar naar schatting meer dan drie miljoen mensen aan sterven. Zie bijlage D, blz 34 (blz 46 noemt de drie miljoen), ook: http://informationclearinghouse.info/article12903.htm.

13.In 2004 publiceerde Robert Soeterik (antropoloog, gespecialiseerd in Irak, en verbonden aan Middle East Research Associates te Amsterdam) in de landenreeks van het Koninklijk Instituut voor de Tropen en NOVIB een 80 bladzijden tellende gedetailleerde beschrijving van de geschiedenis, politiek, samenleving, geografie, cultuur, natuur, milieu en mens in Irak. Daarin schetst hij niet alleen de verwoesting en chaos die de Amerikaans-Britse bezettingsmacht heeft veroorzaakt maar ook ¨de verontreiniging van de leefomgeving door munitie van de anti-Irak-coalitie waarin verarmd uranium is verwerkt¨. Volgens Soeterik komt na de inslag radioactief metaal in stofdeeltjes vrij en verontreinigt de directe omgeving.

Volgens Soeterik verspreiden deze deeltjes zich via de lucht in de weide omgeving. Wanneer mensen via inademing of via hun voedsel met verarmd uranium in contact komen kan dit ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken, aldus Soeterik. Door Iraakse en buitenlandse onderzoekers is inmiddels aangetoond dat het aantal gevallen van kanker en ernstige geboorte afwijkingen sinds de bombardementen met verarmd uranium sinds 1991 sterk is gestegen. De soorten aandoeningen die nu na deze bombardementen in Irak gevonden worden werden eerder alleen gezien in het gebied rond Tsjernobyl en Hiroshima. Volgens Soeterik hebben de bombardementen van de anti-Irak-coalitie ook veel water- en rioolsystemen vernietigd en waren elektriciteitscentrales (in strijd met bestaande oorlogsconventies) regelrecht doelwit.

14.15 juni 2008 publiceerde Dr. Souad N. Al‐Azzawi, Associate Professor in Environmental Engineering, een uitgebreid onafhankelijk rapport over de gevolgen van de vervuiling van Irak met verarmd uranium. Zijn conclusie:

Continuous use of Depleted Uranium weapons since 1991 against the population and the environment of Iraq is an act of crime. The occupation’s total denial of the problem and refusing to allow international agencies to conduct any exploration programs to define the risk associated with this contamination, has resulted in more exposure to these radioactive pollutants, and more health damages.

Ignoring DU related health damages and the ongoing occupation of Iraq have proved to the world how desperate the American Administration is to control oil resources of the Middle East. Occupation of Iraq is a catastrophic criminal act that resulted in the death of over two million people and forced about five million of the population to leave their living areas inside and outside Iraq.

Zie bijlage E, blz 54, ook: http://www.brusselstribunal.org/pdf/DU-Azzawi2.pdf.

15.Uit antwoorden van staatssecretaris Van der Knaap (defensie), mede namens de minister van Buitenlandse Zaken (Aanhangsel van de Handelingen, vergaderjaar 2006-2007, nr 106) blijkt:

a) dat besmetting met verarmd uranium gezondheidsschade aanrichten kan;
b) dat daarbij sprake is van een dosis-effect-relatie;
c) dat de dosis-effect-relatie met betrekking tot de radiologische effecten van verarmd uranium algemeen bekend en geaccepteerd is;
d) dat van Van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten formeel bekend is dat zij in staat en bereid zijn uraniumhoudende munitie te gebruiken.

Zie bijlage F, blz 83, ook:
http://mijn-partij.nl/files/SP_kamervragen_verarmd_uranium_06_september_2006.pdf.

16.In 2001 zei Carla del Ponte voormalige hoofdaanklager van twee internationale VN tribunalen onder andere voor BBC News dat het gebruik van wapens met verarmd uranium een oorlogsmisdaad zijn kan. Carla del Ponte zei onder andere:

If results emerge directly linking the use of depleted uranium ammunition with health problems... we will proceed immediately.

Zie bijlage G, blz 87, ook: http://news.bbc.co.uk/2/hi/europe/1117554.stm.

17.Het is algemeen bekend dat oud staatshoofd van Irak, Saddam Hussein, met (politiek) consent van Britse, Amerikaanse en Nederlandse regeringsvertegenwoordigers, ter dood veroordeeld is door ophanging voor de moord op 148 voornamelijk Sjiitische mensen uit de plaats Dujail in reactie op een poging Hussein te executeren in 1982.
 
18.In maart 2003 vielen de Verenigde Staten en Groot-Brittannië Irak aan. Dit gebeurde buiten toepassing van het VN Handvest. Er is geen resolutie van de VN Veiligheidsraad die deze oorlog rechtvaardigt. Deze oorlog werd door het Nederlandse kabinet (de verdachten) moreel en/of politiek gesteund. Deze steun was van belang voor het draagvlak van militaire acties van de Verenigde Staten en Groot-Brittannië in Irak (LJN:6540). Dit betekent dat Nederland (de verdachten) achter de aanval stond. Nederland trad (de verdachten traden)  hiermee toe tot de als zodanig aangeduide Coalition of the Willing, een buitenwettelijke vereniging van staatshoofden en/of regeringsvertegenwoordigers en/of parlementariërs die met gebruikmaking van hun bevoegdheden de oorlog in Irak en de daar in deze aangifte beschreven genocide realiseerden.

19.Door de oorlog tegen Irak en/of door het gebruik van wapens met verarmd uranium hebben de mensen die met elkaar politiek en/of anderszins draagvlak gecreëerd hebben voor de oorlog in Irak willens en wetens in Irak levensomstandigheden doen laten ontstaan die fysieke destructie van een gehele groep of een gedeelte er van veroorzaken. Ook hebben zij leden van de groep gedood; en hebben ze maatregelen opgelegd (bombarderen met verarmd uranium) die naar de aard slechts bedoeld kunnen zijn om geboorte binnen de groep te voorkomen. De oorlog in Irak heeft de dood van zeker 600.000 mensen behorend tot een groep veroorzaakt. Het gebruik van verarmd uranium is verantwoordelijk voor de dood van miljoenen mensen behorend tot een groep en de duurzame dodelijke vervuiling van de leefomstandigheden in Irak.

20.Hoeveel munitie met verarmd uranium er precies is gebruikt, is niet met zekerheid te zeggen. Daar is onzekerheid over. Dan Fahey heeft het in 'Depleted Uranium and its Use in Munitions' in Avril McDonald (ed.) The International Legal Regulation of the use of Depleted Uranium Weapons: A Precautionary Approach. pp3-28 Den Haag: Asser Press, over 286.233 kilo tijdens Golfoorlog I in 1991 en 118.000 tot 136.000 kilo tijdens de Iraq oorlog van 2003. Zie bijlage H, blz 91. Andere (door WHO bevestigde) bronnen hebben het over 300 tot 800 ton gedurende golfoorlog I in 1991 en 200 ton alleen in Bagdad tijdens de invasie van 2003. Zie bijlage D blz 6. Weer andere (expert) bronnen schatten dat er alleen tijdens de eerste week van de oorlog van 2003, 1.000 tot 2.000 ton verarmd uranium gebruikt is. Zie bijlage I, blz 115, ook: http://www.guardian.co.uk/uk/2003/apr/25/internationaleducationnews.armstrade.

21.De General Assembly van de Verenigde Naties heeft op 15 september 2008 een rapport van de Secretaris-Generaal uitgebracht over het effect van wapens met verarmd uranium. Het rapport van de SG van de VN stelt:

Depleted uranium munitions produce toxic and radioactive dusts which are
carcinogenic and lead to other-life threatening conditions in humans, are harmful to animals and have long-term adverse effects on the environment.

Zie bijlage J, blz 119, ook: http://www.un.org/ga/search/view_doc.asp?symbol=A/63/170/Add.1&Lang=E

22.23 juli 2007 beschuldigde de Iraakse minister voor omgeving (environment) het gebruik van wapens van verarmd uranium door de VS troepen tijdens operatie Shock and Awe voor het stijgende aantal kanker gevallen in Irak. Volgens de minister zijn er minstens 350 steden in Irak vervuild gedurende de bombardementen met verarmd uranium. Volgens minister Nermin Othman heeft Irak door deze bombardementen met wapens van verarmd uranium 140.000 kanker gevallen, met 7.000 tot 8.000 nieuwe registraties per jaar. Zie bijlage K, blz 127, ook: http://en.rian.ru/world/20070723/69509899.html

23.Op 19 mei 2009 getuigt het tweede kamerlid van de SP Harry Van Bommel op zijn website over de gevolgen van het gebruik van wapens met verarmd uranium in Irak:

In Irak is tijdens de Golfoorlog begin jaren ’90 en in die van 2003 veel munitie gebruikt met verarmd uranium. Bij mijn bezoek aan Irak in het jaar 2000 heb ik de verschrikkelijke gevolgen daarvan gezien in een kinderziekenhuis. De leukemie die kinderen krijgen van straling maakt dat ze letterlijk verschrompelen tot zielige hoopjes mens. Ik was zeer tegen de inval in 2003 maar vind wel dat de internationale gemeenschap, ook Nederland dus, moet meewerken aan het opruimen van die rommel in Irak. Dat ligt daar namelijk nog steeds. Om die reden geef ik steun aan de petitie die dit doel nastreeft. Teken die petitie ook. Bevrijd Irak van de massamoordenaar die verarmd uranium heet.

Zie bijlage L, blz 129, ook: http://harryvanbommel.sp.nl/weblog/2009/05/19/bevrijd-irak

24.Uit de boven genoemde kamerstukken blijkt in ieder geval dat de Nederlandse politici betrokken bij de genocide in Irak bekend zijn of bekend verondersteld kunnen en/of mogen worden met de beruchte dosis-effect-relatie van verarmd uranium. Desondanks creëren zij draagvlak voor een oorlog buiten toepassing van het VN Handvest met gebruik van wapens met verarmd uranium door de troepen van the Coalition of the Willing in Irak. Voorzover zij al dan niet nadrukkelijk opzet hebben c.q. hadden om genocide te plegen in Irak is er sprake van voorwaardelijke opzet. Zij wisten of konden weten wat de gevolgen zijn van een oorlog buiten toepassing van het VN Handvest en met gebruikmaking van wapens met verarmd uranium of althans zij wisten of konden weten wat de gevolgen zijn van een dergelijke oorlog zonder verbod op het gebruik van wapens met verarmd uranium. Daarnaast hebben zij (willens en wetens) de aanmerkelijke kans aanvaard dat het draagvlak voor de oorlog in Irak tot genocide zou leiden. De oorlog is immers aangegaan zonder een daarbij passende resolutie van de VN Veiligheidsraad, zonder bijpassend oorlogscontract, zonder erkenning/respect voor het Internationaal Strafhof in Den Haag (dus zonder waarborgen voor burgerbevolking, zonder waarborgen ter voorkoming van genocide) en zonder dat een verbod op het gebruik van wapens met verarmd uranium als voorwaarden is gesteld. Dat zijn omstandigheden die naar de aard logischerwijs tot strafbare feiten en/of genocide leiden. Al die regels van nationale en internationaal recht zijn er niet voor niets, die zijn mede ter voorkoming van de onderhavige genocide.

25.De verdachten voornoemd worden tevens verdacht van oorlogsmisdaden, massamoord, terrorisme en hoogverraad. Deze misdaden plegen zij in hun hoedanigheid als minister of staatssecretaris of kamerlid. Op grond van de wet (artikel 119 Grondwet) en vaste jurisprudentie (LJN:9736) zijn zij hiervoor alleen strafrechtelijk te vervolgen indien daar een besluit van de kroon of de tweede kamer aan te grondslag ligt. Tegen Jan Pieter Balkenende is in 2004 aangifte gedaan in verband met een groot aantal door hem begane misdaden in verband met de oorlog in Irak en deelname aan the Coalition of the Willing. Deze aangifte heeft geresulteerd in een artikel 12 Sv procedure bij de hoge raad. De hoge raad oordeelde op 07 april 2006 (LJN: AU9736):

...nu de beweerde strafbare feiten waarop [klager] het oog heeft, [...], door de minister-president slechts kunnen zijn begaan dan hetzij met schending van een bijzondere ambtsplicht, hetzij met gebruikmaking van macht, gelegenheid of middel, hem door zijn ambt geschonken, zodat bij een eventuele vervolging het bepaalde in art. 44 Sr. niet buiten beschouwing kan worden gelaten. De opdracht tot vervolging ter zake van zodanige ambtsmisdrijven kan slechts worden gegeven bij Koninklijk besluit of bij een besluit van de Tweede Kamer (art. 119 Grondwet; art. 4 Wet van 22 april 1855, Stb. 33, houdende regeling der verantwoordelijkheid van de hoofden der Ministeriële Departementen; art. 483 leden 1 en 2 Sv.),

26.Gezien de vervolgingsbeperking van art 119 grondwet jo art 44 Sr voor wat betreft oorlogsmisdaden, massamoord, terrorisme en hoogverraad door bovengenoemde ministers en/of staatssecretarissen en/of kamerleden, zijn er diverse aangiften gedaan tegen de politieke partijen en diens leiders, bestuurders en prominenten wegens medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden, massamoord, terrorisme en hoogverraad. Een en ander onder andere overeenkomstig hetgeen gesteld in de artikelen 140 en 140 a van het Wetboek van Strafrecht. Deze aangiften hebben de volgende data en procesverbaalnummers: 30 september 2006, PV 2006251820-1; 22 januari 2008, PV-2008020786-1; 29 september 2008, PV-2008275100-1; 03 maart 2009, PV 2009058632-1 (Separaat bijgevoegd).

27.De vervolgingsbeperking van artikel 119 van de grondwet jo art 44 Sr, zoals bedoeld in het arrest van de hoge raad van 07 april 2006 (LJN: AU9736), geldt nadrukkelijk niet voor vervolging van genocide. Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide (Parijs, 9 december 1948), waar Nederland deel aan neemt, bepaalt in artikel IV dat zij, die genocide of een van de andere in artikel III van het verdrag genoemde feiten plegen, worden gestraft, onverschillig of zij grondwettelijk verantwoordelijke regeringspersonen, ambtenaren of privé personen zijn. Dit wordt bevestigd in artikelen 16 a) & 16 b) WIM. Ter zake genocide wordt immuniteit van Nederlandse politici voor de Nederlandse rechter door het volkenrechtelijk gewoonterecht niet erkent. Het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide codificeert immers de volkenrechtelijke regel dat vervolging plaatsvindt onverschillig of de pleger grondwettelijk verantwoordelijke regeringspersonen, ambtenaren of privé personen zijn. Op grond van dit verdrag beschikt geen enkele Nederlander voor de Nederlandse rechter ter zake genocide over enige vorm van immuniteit. Er geldt dus geen enkele immuniteitsregel voor Nederlandse politici die bij, tijdens of na de bekleding van hun ambt voor de Nederlandse rechter strafrechtelijk vervolgd worden voor genocide.

28.In de strafzaak rond de van genocide verdachte Van Anraat heeft het gerechtshof te De Haag op 09 mei 2007 (LJN:4676, ro 7) drie vragen gesteld die relevant zijn bij de beoordeling van de kwestie of bewezen worden kan dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan de ten laste gelegde genocide.

A. Kan uit de bewijsmiddelen worden afgeleid dat de in de tenlastelegging voorkomende gedragingen de plegers, uitvloeisel waren van het bij dezen voorliggende oogmerk (het genocidale oogmerk) een bevolkingsgroep als zodanig geheel of gedeeltelijk te vernietigen?

B. Artikel 48 van het Wetboek van Strafrecht bepaalt onder andere dat als medeplichtigen aan een misdrijf worden aangemerkt zij die opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaffen tot het plegen daarvan. Uit de tekst van dit artikel vloeit voort dat het opzet van de medeplichtige moet zijn gericht op alle bestanddelen van het misdrijf in kwestie. De vraag dient dan te worden beantwoord in hoeverre het de Nederlandse strafrechter vrij staat in de onderhavige zaak bij de beoordeling van dat opzetvereiste het Nederlandse recht toe te passen en in hoeverre hij daarbij (mede) acht dient te slaan op het internationale recht.

C. Was (indien het antwoord op vraag A bevestigend zou luiden,) verdachtes opzet (mede) gericht op een – mogelijk - genocidaal oogmerk van de plegers?

29.In de kwestie Van Anraat overweegt het gerechtshof te De Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676, ro 7) ter beantwoording van de onder 23A bedoelde vraag dat, bij de beantwoording van de vraag of bij de plegers sprake was van een genocidaal oogmerk, mede in aanmerking mogen worden genomen andere door de plegers volvoerde handelingen jegens de bevolkingsgroep in kwestie, die niet in het bijzonder in de tenlastelegging figureren maar die wel uit het dossier, zelfs indien die handelingen op zichzelf niet (alle) binnen de omschrijving vallen van het misdrijf genocide.

30.In de kwestie Van Anraat overweegt het gerechtshof te De Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676) ter beantwoording van de onder 23B bedoelde vraag dat, juist ten aanzien van de vraag welke graad van opzet vereist is voor een veroordeling ter zake van medeplichtigheid aan genocide, het internationale strafrecht nog in ontwikkeling en niet geheel uitgekristalliseerd lijkt te zijn. Daarbij staat volgens het gerechtshof de nog niet in alle opzichten eenduidig beantwoorde kernvraag centraal of de medeplichtige moet hebben "geweten" dat de pleger handelde uit een genocidaal oogmerk of dat te dien aanzien een zwakkere graad van opzet volstaat, vergelijkbaar of overeenkomend met het ten onzent aanvaarde voorwaardelijk opzet, oftewel het willens en wetens aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat een bepaald gevolg of een bepaalde omstandigheid zich voordoet. Vraag B van hof wordt in casu overigens beantwoord door te verwijzen naar WIM en het wetboek van strafrecht. Het gaat in casu om Nederlanders die voor de Nederlandse strafrechter vervolgd worden op grond van de Nederlandse wet (WIM/Sr), de vraag naar het opzetvereiste wordt derhalve naar Nederlands recht beantwoord.

31.In de kwestie Van Anraat overweegt het gerechtshof te De Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676,) ter beantwoording van de onder 23C bedoelde vraag dat, Bij de beantwoording van de voorgaande vraag de omstandigheid van belang  is dat met name de niet in de tenlastelegging voorkomende handelingen van de plegers bijdragen aan de aannemelijkheid dat bij hen sprake was van een genocidaal oogmerk.

32.In het licht van de door het gerechtshof te Den Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676) gestelde vragen is relevant dat er aan de oorlog in Irak c.q. de in invasie van maart 2003 geen resolutie van de VN Veiligheidsraad ten grondslag ligt. Er is geen oorlogscontract en het Internationaal Strafhof is door betrokken Amerikaanse plegers niet erkend. De secretaris-generaal van de VN, de heer Kofi Annan, heeft de oorlog in Irak in strijd met het VN-Handvest en derhalve 'illegaal' genoemd. Zie bijlage M, blz 130, ook http://news.bbc.co.uk/2/hi/middle_east/3661134.stm.

33.In het licht van de door het gerechtshof te Den Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676) gestelde vragen is relevant dat zoals hierboven onder 15 gesteld bij Nederlandse ministers, staatssecretarissen en kamerleden algemeen bekend is:

a) dat besmetting met verarmd uranium gezondheidsschade aanrichten kan;
b) dat daarbij sprake is van een dosis-effect-relatie;
c) dat de dosis-effect-relatie met betrekking tot de radiologische   effecten van verarmd uranium algemeen bekend en geaccepteerd is;
d) dat van Van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten formeel bekend is dat zij in staat en bereid zijn uraniumhoudende munitie te gebruiken.

34.In het licht van de door het gerechtshof te Den Haag op 09 mei 2007 (LJN:BA4676) gestelde vragen is relevant dat de oorlog in Irak en de daar gepleegde genocide een sterk christelijk ideologische/religieus karakter heeft. De leiders van the Coalition of the Willing, waaronder tevens begrepen voornoemde verdachten lijken er extreme ideologieën en/of een religieus utopisch ideaal na te streven. De meeste leden van the Coalition of the Willing zijn streng religieus en hangen een Christelijk fundamentalistisch gedachten goed aan. Sommige gaan daarin zo ver dat zij 'Armageddon' na lijken te streven omdat zij geloven dat daarna de (utopische) 'Messias' komt.

35.Amerika kent ongeveer 80 miljoen fundamentalistische 'born again' christenen die de politieke agenda van de neoconservatieve beweging in de VS domineren. Zij achten het vanuit religieus oogpunt noodzakelijk om een 'bepaalde' situatie in het midden oosten te creëren zodat de 'verlosser' komen kan. Dit fundamentalistisch gedachte goed van deze achterban en diens leiders is beeldend vastgelegd in diverse informatieve documentaires gemaakt door kritische filmmakers. Zie: http://www.vpro.nl/programma/tegenlicht/afleveringen/33054884

Voorts schijnt er in de VS een wet aangenomen te zijn die het christendom lijkt te verheerlijken. Zie bijlage N, blz 133, ook: http://www.govtrack.us/congress/billtext.xpd?bill=hr110-847.

Kevin Phillips, oud-partijstrateeg van de Republikeinen onder Nixon en Regan, zegt over de Amerikaanse ideologie het volgende:

Als bijna een derde van je electoraat letterlijk gelooft in het Armageddon en de eindstrijd met de antichrist dan komt de oorlog in Irak ineens in een heel ander daglicht te staan.

Zie bijlage O, blz 136, ook: http://www.vpro.nl/programma/tegenlicht/afleveringen/33054884.

Het is algemeen bekend dat de Amerikaanse minister van defensie Donald Rumsfeld op prominente wijze (geheime) militaire briefings vergezeld liet gaan van kruisvaart-achtige bijbelcitaten.

Zie bijlage P, blz 138, ook: http://rawstory.com/08/news/2009/05/17/bible-quotes-rumsfeld-intelligence-reports.

36.Er is een grote hoeveelheid juridische literatuur en publicaties beschikbaar waarin door onafhankelijke juristen overtuigend en logisch wordt uiteengezet dat de oorlog in Irak illegaal is. Dat de 'pre-emptive' oorlog niet past binnen de regels die nationaal en internationaal aan zelfverdediging zijn gesteld.

37.Ook zijn er heldere aanwijzingen dat het niet vervolgen van de verdachten voornoemd lijdt tot systeemmisdaden en al dan niet straffeloze medeplichtigheid. Zie bijlage Q, blz 152, ook: http://www.ligarechtenvandemens.nl/straffelozemedeplichtigheid.html

38.Van 23 tot 27 juni 2005 heeft in Istanbul de World Tribunal on Iraq plaatsgevonden. Een 'Gewetensjury' samengesteld uit leden van 10 verschillende landen vergaderde in Istanbul. Er werden 54 getuigenissen gehoord. De hoofddoelstelling van het World Tribunal on Iraq was de waarheid omtrent de oorlog in Irak mee te delen en te verspreiden, met nadrukkelijke aandacht voor de aansprakelijkheid van de verantwoordelijken en voor het belang van gerechtigheid voor het Iraakse volk. Het Tribunaal concludeert onder andere dat de inval en de bezetting van Irak illegaal was en is. Ook stelde het vast dat ondanks al de waarschuwingen van wetenschappers en oorlogsveteranen voor de verwoestende lange-termijn-effecten op mensen en milieu er verarmd uranium gebruikt is. En dat de VS daarmee de levens van miljoenen mensen over verscheidene generaties riskeert. In het geheel beschrijft the World Tribual on Iraq helder dat door de oorlog in Irak, Irak levensomstandigheden opgelegd krijgt die gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging van mensen gericht zijn. Zie bijlage R, blz 165.

39.13 maart 2004 heeft een burger tribunaal om Tokyo President George W. Bush schuldig verklaard aan oorlogsmisdaden wegens het aanvallen van burgers met onder andere wapens van verarmd uranium in de door de VS geleide antiterrorisme campagne in Afghanistan in 2001.

Zie bijlage S, blz 179, ook http://search.japantimes.co.jp/member/member.html?nn20040314a5.htm.

40.De oorlog in Irak is terroristisch. Volgens de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding is terrorisme: 'het uit ideologische motieven dreigen met, voorbereiden of plegen van op mensen gericht ernstig geweld, dan wel daden gericht op het aanrichten van maatschappij-ontwrichtende zaakschade, met als doel maatschappelijke veranderingen te bewerkstelligen, de bevolking ernstige vrees aan te jagen of politieke besluitvorming te beïnvloeden'. De oorlog in Irak voldoet aan alle eisen die de NCTb aan terrorisme stelt.
Zie http://www.nctb.nl/onderwerpen/wat_is_terrorisme/

41.De leden van de tweede kamer zijn via de vaste Kamercommissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten en via de vaste kamercommissie voor Justitie uitgebreid geïnformeerd over de illegaliteit van de oorlog in Irak en de in dat verband door Nederlandse politici gepleegde misdaden. Ook diverse ministers (oa. Van binnenlandse zaken) zijn persoonlijk geïnformeerd. Zie diverse brieven in bijlage T, blz 182.

42.28 mei 2009 heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de heer mr. J.P.H. Donner laten weten kennis te hebben genomen van de in deze jegens hem en de zijne geuite beschuldigingen. Zie bijlage U, blz 188.

43.In de laatste alinea van zijn in 2003 gepubliceerde boek Bush in oorlog schrijft de gerenommeerde Amerikaanse onderzoeksjournalist en ontdekker van het Wategrate schandaal Bob Woodward:

Op 5 februari 2002 kwamen vijfentwintig vertegenwoordigers van verschillende commando-eenheden en van drie paramilitaire CIA-teams samen buiten Gardez, in het oosten van Afghanistan, een zestig kilometer van de Pakistaanse grens. Het was bitter koud en ze waren gehuld in buiten-sportkleding. Niemand was in uniform. Een groot aantal had een baard. De mannen stonden of knielden op die onherbergzame plek voor een helikopter. Op de achtergrond stond een Amerikaanse vlag. Stenen waren tot een graftombe gestapeld boven een begraven stuk puin van het verwoeste World Trade Center. Er werd een foto van gemaakt.

Een van de mannen las een gebed voor. Toen zei hij: “We zegenen deze plaats als een eeuwig gedenkteken voor de dappere Amerikanen die stierven op 11 september, zodat allen die Amerika kwaad zouden willen doen, zullen beseffen dat de Verenigde Staten niet werkloos zullen toezien hoe terreur zegeviert.

Wij zullen dood en geweld naar de vier hoeken van de aarde brengen om onze grote natie te verdedigen.

Zie bijlage V, blz 191.

44.Het hier genoemde geweld is er gekomen. Het geweld in Afghanistan is wederrechtelijk omdat de aanslagen van de internationaal opererende daders op de Twin Ttowers, via het internationaal strafrecht vergolden hadden dienen te worden niet niet via de weg van militair eigenrichting. De precedenten zijn (zie de Lockerbie zaak) dat het internationaal strafrecht doeltreffend ingezet worden kan bij bestrijding van internationaal terrorisme. Het geweld in Irak is wederrechtelijk omdat pre-emptieve verdediging buiten de reikwijdte van artikel 51 van het VN Handvest valt (recht tot individuele of collectieve zelfverdediging). Pre-emptieve verdediging is een aanval bij voorbaat en kan naar de aard geen zelfverdediging zijn. Voorts is het geweld tegen Irak op enigerlei wijze gelegitimeerd door enige resolutie van de VN-Veiligheidsraad.

45.De doctrine is helder en consistent over de rechtmatigheid van de invasie in Irak in 2003. De gewapende invasie en bezetting van Irak is illegaal volgens nationaal en internationaal recht, het schendt internationale verdragen en veroorzaakt dat betrokkenen strafrechtelijk aansprakelijk zijn voor genocide en misdaden tegen de vrede. Zie bijlage W, blz 194, ook http://mijn-partij.nl/files/The_illegality_of_war.pdf. Alle oorlogen zijn illegaal er bestaat niet zoiets als een rechtvaardige oorlog. Alle oorlogen zijn verboden sinds The General Treaty for the Renuciation of War. Alle conflicten behoren pacifistisch te worden opgelost. Zie bijlage X, blz 199, ook: http://mijn-partij.nl/files/The_Laws_of_War_2.pdf. Het memorandum van DJZ van het ministerie van buitenlandse zaken van 29 april 2003 (DJZ/IR/2003/158) geeft genoegzaam aan dat de onafhankelijk juristen van het ministerie de opvatting huldigen dat er volkenrechtelijk onvoldoende steun bestaat voor de oorlog, invasie en/of bezetting van Irak. Dat het bombarderen van Irak met wapens van verarmd uranium eveneens als volkenrechtelijk onrechtmatig beschouwd behoort te worden, behoeft geen betoog. Zie bijlage y, blz 202, ook: http://www.nrc.nl/redactie/binnenland/memo_buza_irak.pdf

46.Verder spelen een rol alle feiten en omstandigheden genoemd in de processen-verbaal: 30 september 2006, PV 2006251820-1; 22 januari 2008, PV-2008020786-1; 29 september 2008, PV-2008275100-1; 03 maart 2009, PV 2009058632-1. Deze processen-verbaal worden hier als herhaald en ingelast beschouwd.

47.Video materiaal met feiten & getuigenissen:
The Doctor, the Depleted Uranium, and the Dying Children
http://video.google.nl/videoplay?docid=5146778547681767408
DEPLETED URANIUM ALERT! Invisible War, Part 1
http://video.google.com/videoplay?docid=8771242169036524915
DEPLETED URANIUM ALERT! Invisible War, Part 2
http://video.google.com/videoplay?docid=-2980009384443240254
DEPLETED URANIUM ALERT! Invisible War, Part 3
http://video.google.com/videoplay?docid=-5241604420871024207
DEPLETED URANIUM ALERT! Invisible War, Part 4
http://video.google.com/videoplay?docid=-3136498774823471355
DEPLETED URANIUM ALERT! Invisible War, Part 5
http://video.google.com/videoplay?docid=-328156517349634226
Depleted Uranium - Iraq's nuclear Nightmare
http://video.google.com/videoplay?docid=3282290837712416408
Illegal Depleted Uranium in Iraq!z
http://vids.myspace.com/index.cfm?fuseaction=vids.individual&videoid=430594
Depleted Uranium Part 1 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=btcVA6-0TaY
Depleted Uranium Part 2 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=eg222KSp_HY
Depleted Uranium Part 3 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=UtOzbuCCSIs
Depleted Uranium Part 4 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=oBba9KLBu2s
Depleted Uranium Part 5 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=KO52JyMcsY4
Depleted Uranium Part 6 of 6
http://www.youtube.com/watch?v=jpPtkuSpUvQ
For the Record: World Tribunal on Iraq 1/5
http://www.youtube.com/watch?v=Sn2v0ZAuhB4
For the Record: World Tribunal on Iraq 2/5
http://www.youtube.com/watch?v=NcJqCR4vCS4
For the Record: World Tribunal on Iraq 3/5
http://www.youtube.com/watch?v=4UVWRc_VzLI
For the Record: World Tribunal on Iraq 4/5
http://www.youtube.com/watch?v=HgdgJBtbfyA
For the Record: World Tribunal on Iraq 5/5
http://www.youtube.com/watch?v=_3XFBzdZvRc
Arundhati Roy Speaking at the World Tribunal on Iraq
http://www.youtube.com/watch?v=Nt9yVy_Lv_k&feature=player_embedded
Dahr Jamail Speaks at World Tribunal on Iraq
http://www.youtube.com/watch?v=838QJU1pNTo&feature=player_embedded
Barbara Olshansky Speaking at World Tribunal on Iraq
http://www.youtube.com/watch?v=g9c925WLmHs
Barbara Olshansky Speaking at World Tribunal on Iraq
http://www.youtube.com/watch?v=g9c925WLmHs
The World Tribunal on Iraq-New York Session
http://blip.tv/play/AZKXWoKgBQ
World Tribunal on Iraq: Individual Testimonies
http://www.deepdishtv.org/ProgramDetail/Default.aspx?id=3485

48.Nadere referenties:
Ian Farlie (2008) 'The health hazards of depleted uranium' Disarmament Forum 2008 (3) United Nations Institue for Disarmament Research. p4. Available for download at http://www.unidir.ch/bdd/fiche-article.php?ref_article=2756
Committee on Toxicologic and Radiologic Effects from Exposure to Depleted Uranium During and After Combat (2008) Review of the Toxicologic and Radiologic Risks to Military Personnel from Exposures to Depleted Uranium During and After Combat. National Academies Press. p12. Available for download at http://www.nap.edu/catalog/11979.html
Dan Fahey (2008a) 'Depleted Uranium and its Use in Munitions' in Avril McDonald (ed.) The International Legal Regulation of the use of Depleted Uranium Weapons: A Precautionary Approach. pp3-28 Den Haag: Asser Press 
Dan Fahey (2008b) 'Environmental and Health Consequences of Depleted Uranium Munitions' in Avril McDonald (ed.) The International Legal Regulation of the use of Depleted Uranium Weapons: A Precautionary Approach. pp3-28 Den Haag: Asser Press 
Leonard A. Dietz (1999) Contamination of Persian Gulf War Veterans and Othersby Depleted Uranium. Available at http://www.wise-uranium.org/dgvd.html
For Serbia see UN Secretary-General (2008a) Effects of the use of armaments and ammunitions containing depleted uranium. United Nations document A/63/170. pp15-17. Available for download at http://www.un.org/ga/search/view_doc.asp?symbol=A/63/170&Lang=E
For Iraq see Iraqis blame U.S. depleted uranium for surge in cancer. RIA Novosti. Available at :http://en.rian.ru/world/20070723/69509899.html
Committee on Toxicologic and Radiologic Effects from Exposure to Depleted Uranium During and After Combat (2008). See above. p22.
Institute of Medicine of the National Academies (2008a) Committee on Gulf War on Health: Updated Literature Review of Depleted Uranium. National Academies Press. pp193-215. Available for download at: http://www.nap.edu/catalog/12183.html
Institute of Medicine of the National Academies (2008b) Epidemiologic Studies of Veterans Exposed to Depleted Uranium. National Academies Press. Available for download at: http://www.nap.edu/catalog/12200.html
UN Secretary-General (2008b) Effects of the use of armaments and ammunitions containing depleted uranium - Addendum. United Nations document A/63/170/Add.1 pp5-7. Available for download at http://www.un.org/ga/search/view_doc.asp?symbol=A/63/170/Add.1&Lang=E